Je loopt met je hond langs een berm, hij snuffelt lekker rond in het hoge gras en een kwartier later loopt hij ineens mank of schudt hij aan één stuk door met zijn kop. Grote kans dat er een grasaar mee naar huis is gegaan. Uit een peiling van de Koninklijke Hondenbescherming onder bijna 11.000 hondenbaasjes blijkt dat 1 op de 8 met hun hond al eens naar de dierenarts moest vanwege een grasaarincident. Toch weten veel gezinnen niet eens dat die kleine zaadjes zo gevaarlijk kunnen zijn.
Wat is een grasaar eigenlijk
Een grasaar is het scherpe, zaaddragende topje van bepaalde grassoorten, vaak van het 'kruipertje' dat volop groeit langs uitlaatstroken, bermen en wandelpaden. Zodra het gras uitdroogt, breken de aren makkelijk af en blijven ze plakken in de vacht van je hond. Het venijnige zit in de vorm: de aar heeft piepkleine weerhaakjes, waardoor hij maar één kant op kan bewegen. Dieper de huid of het lichaam in dus, en nooit vanzelf terug naar buiten.
Ze komen vooral voor tussen mei en augustus, maar ook nu het gras verder verdroogt liggen bermen en speelweides nog vol met de restjes van dit seizoen. Een wandeling in september is dus zeker geen garantie dat je hond veilig is.
Zo herken je de signalen bij je hond
Een grasaar kan bijna overal binnendringen en de symptomen verschillen per plek op het lichaam:
- Tussen de tenen: je hond likt veel aan zijn poot, loopt mank of er ontstaat een pijnlijke zwelling tussen de tenen.
- In de oren: heftig schudden met de kop, vaak in combinatie met krabben aan het oor.
- In de neus: plotseling en heftig niezen, soms met bloed of afscheiding uit één neusgat.
- In het oog: knijpen met het oog, overmatig tranen of een rood, geïrriteerd ooglid.
- In de bek of keel: kokhalzen of hoesten, alsof er iets vastzit.
Merk je zo'n signaal na een wandeling, en zeker als het uit het niets komt, dan is de kans groot dat er ergens een grasaar zit. Twijfel je, controleer dan eerst zelf de meest voor de hand liggende plekken: tussen de tenen, rond de oren en in de vacht.
Waarom je niet moet afwachten
Een grasaar verdwijnt niet vanzelf en wordt door die weerhaakjes juist alleen maar dieper geduwd, elke keer dat je hond zich beweegt of likt. Blijft hij zitten, dan ontstaan er ontstekingen en abcessen. In het ergste geval werkt een grasaar zich via de longen of andere organen naar binnen, met soms blijvende schade tot gevolg. Directeur Daphne Groenendijk van de Hondenbescherming waarschuwt dat grasaren zich met hun weerhaakjes vastzetten in oren, neuzen, ogen of tussen de tenen, en zonder snelle behandeling diep het lichaam kunnen binnendringen.
De vuistregel is simpel: zie je klachten die passen bij bovenstaande symptomen, wacht dan niet af tot morgen. Hoe sneller een grasaar wordt gevonden, hoe kleiner de kans op een pijnlijke en dure behandeling.
Wat de dierenarts eraan doet
Zit de grasaar goed zichtbaar en oppervlakkig, dan haalt de dierenarts hem er vaak zonder verdoving uit met een pincet. Zit hij dieper, bijvoorbeeld in het oor of tussen de tenen, dan is lokale of algehele verdoving vaak nodig om de aar precies te kunnen lokaliseren en verwijderen zonder dat je hond pijn heeft. Bij een vermoeden van een grasaar in de neus wordt soms een kijkoperatie onder narcose gedaan, omdat de hond daarbij volledig stil moet liggen.
Is er al een infectie ontstaan, dan volgt vaak een antibioticakuur naast de verwijdering. Dat maakt zo'n simpel zaadje in de praktijk een van de duurdere spontane dierenartsbezoeken van het jaar. Wil je weten hoe je dat soort onverwachte rekeningen wat draaglijker maakt? Wij schreven eerder al een artikel over besparen op de dierenartsrekening.
Zo bescherm je je hond preventief
Helemaal voorkomen lukt niet, maar het risico verklein je wel flink:
- Vermijd hoog, verdroogd gras en bermen als dat kan, zeker met een hond die er graag met zijn neus in duikt.
- Controleer je hond na elke wandeling, met extra aandacht voor tussen de tenen, de oren en de vacht rond de ogen.
- Houd de vacht rond de poten en oren van langharige hondenrassen kort, daar blijven grasaren het makkelijkst hangen.
- Zie je een grasaar die nog los in de vacht zit, verwijder hem dan meteen met een pincet voordat hij de kans krijgt om zich vast te zetten.
Ga je toch geregeld dezelfde route lopen, bijvoorbeeld tijdens een vaste ochtendwandeling met de kinderen erbij zoals bij de 6-6-6-wandelchallenge, dan leer je die controle na een tijdje bijna automatisch inbouwen. Het kost hooguit twee minuten en scheelt je in het slechtste geval een spoedbezoek aan de dierenarts.
Check je hond voortaan na elke wandeling
Grasaren zijn zo'n typisch gevaar dat pas opvalt zodra het te laat is: klein, onopvallend en verstopt in gras waar je hond dagelijks doorheen loopt. Het goede nieuws is dat de oplossing minstens zo simpel is als het probleem. Even voelen tussen de tenen, achter de oren en door de vacht na iedere wandeling voorkomt het gros van de ellende. Heb je thuis ook nog een hond die je liever binnen dan buiten hoort, lees dan ook ons artikel over wat je kunt doen tegen een blaffend gezinslid. Meer informatie over grasaren en de landelijke aanpak ervan vind je bij de Koninklijke Hondenbescherming.